Twittergebruik binnen Octavalent

Twitter is een manier om anderen op de hoogte te houden van wat je bezig houdt. Omgekeerd kun je anderen volgen en zien wat zij allemaal uitspoken. Twitter is leuk, handig, maar vooral een erg raar fenomeen. Reden genoeg om er eens lekker mee te experimenteren.

Een aantal Octavalent-medewerkers twittert; de één meer dan de ander. Soms wordt getwitterd over het werk, maar vaker over privé-aangelegenheden. Octavalent als bedrijf twittert ook. Zowel als bedrijf als individu geven wij hiermee geïnteresseerden een kijkje in de spreekwoordelijke keuken.

Sommige managers vinden het op z’n zachtst gezegd spannend als medewerkers zich op internet uitlaten over het werk. Ik vind deze angst klinkklare onzin. Wanneer medewerkers (of klanten) publiekelijk klagen dan zal het management het er zelf wel naar gemaakt hebben. Daar kun je Twitter moeilijk de schuld van geven.

Twitter is geen alternatief voor persoonlijk contact. Wellicht tegen de verwachting in vullen de korte berichtjes het contact juist aan. Dit is niet alleen onze mening, maar we horen dit van vele anderen om ons heen. Er zijn zelfs een aantal wereldwijde studies uitgevoerd die deze conclusie onderschrijven.

Twitter is voor Octavalent gewoon een leuke manier om elkaar en onze klanten op de hoogte te houden van wat we doen én wie we zijn. Het brengt een persoonlijk tintje in een anders puur zakelijke relatie. Wel zo verfrissend.

Advertisements

What’s next for a C# web developer: C++, Python, Haskell, F#?

This text is a reply to a question on StackOverflow.com. The person asking the question is a web developer who is fluent in the .NET framework and JavaScript. He asks what would be the next language of choice that could benefit an engineer in his career.

Like a kid in a candy shop

First of all: C++ is not recommended. Not even by the experts. As one of the reasons for C#, the lead architects at Microsoft state: “C# was invented because C++ was too hard.” There is no good point in torturing oneself is there? For in depth background informative I recommend watching the Visual Studio Documentary.

For some hard job market data have a look at this website on language trends. It shows demand and supply for a number of popular languages. The advice: “Go away from Java (or well, from everything else for that matter) and start on .NET!” There is a strong demand for PHP developers, although paradoxically PHP hourly rates are low.

If you want to learn a functional language I would suggest F#, although the language has been released only a few years ago. I do expect F# to catch up; in the end of the day Microsoft always does. If you wish to learn F#, Visual Studio 2010 in combination with the free online book ‘The F# Survival Guide‘ is a good start.

There are many functional programming languages. Still I believe that for a C# developer an investment in F# is a good choice. Three reasons: 1) it is a different language paradigm 2) you can leverage your existing knowledge of the (uninteresting) support libraries and 3) C# has some functional programming features that you might better understand after learning a real functional language. What I am basically saying is: learn F# to improve your C# skills.

Learning a new paradigm is a good thing since it broadens your understanding of computer science as whole. But also learn available tools, framework and libraries. Examples are: Microsoft Message Queue, Microsoft Enterprise Library, ASP.Net MVC, Code Contracts, StyleCop, FxCop or unit testing with PEX.

Microsoft has done a good job with the .Net framework and C#. It has good performance; it is a multi-purpose language and there are continuous improvements. Even as important: the framework, language and tools are very well supported through an active community, books and certification. There is no need to run away from C#. The neighbor’s grass will not be greener.

One could criticize Microsoft for not being an innovator. Apart from its very first product – BASIC – It has never been. Not even with Windows. But one thing is for sure. You can also trust Microsoft to be Microsoft: a slow starter who is very good at catching up. Business value is not always achieved using the language du jour. If you are fluent with C# and the .Net framework, stick with it and strive to become even better. Even for C# experts there is still a lot to learn.

Nooit meer met bestanden slepen

Ik praat niet op een te hoge toon. Mijn stem slaat al jaren niet mee over. En ik kan best goed met mensen overweg. Ja, ook met meisjes. Desondanks is het waar: in sommige opzichten ben ik een nerd. Waarom? Ik hou van computers.

Ik heb een enorme fetish voor harde schijven. Ik ben er gek op. Ik ben tegelijkertijd ook als de dood dat ik bestanden kwijt raak. Mijn back-up regime is daarom feilloos. Het pentagon is jaloers. En eens in de zoveel tijd lukt het mij tóch om bestanden spoorloos te laten verdwijnen. Dat zal mij nu niet meer overkomen. De oplossing is gevonden en heet Dropbox.

DropboxDropbox is een manier om documenten, foto’s en andere bestanden beschikbaar te hebben op zowel jouw computer als op internet. Het werkt als volgt. Wanneer je een document op de computer opslaat, dan kopieert Dropbox dat document geheel automatisch ook naar hun website. Alle bestanden op de computer worden zo automatisch zowel op jouw computer als op internet opgeslagen.

Ik stel mij een groot en donker gebouw voor vol snorrende servers. Met een slotgracht en heel dikke deuren waar geen vuur of water door kan komen. Daar staat een kopie van al jouw bestanden. Je kunt er op vertrouwen dat Dropbox veilig met jouw bestanden omgaat. Althans, dat denk ik. Als extra zekerheid is de toegang tot jouw persoonlijke bestanden natuurlijk ook beveiligd achter een wachtwoord.

Dropbox is simpel, elegant, vriendelijk en als allerbelangrijkste: het werkt precies zoals je zou willen. Zodra je besluit een document van de computer te verwijderen (bewust of per ongeluk) dan wordt het document door Dropbox nog een tijdje in backup gehouden. Handig toch? Zo kun je het makkelijk weer terugzetten.

Ook als de computer stuk gaat dan zijn alle bestanden veilig. Zo ben je er zeker van dat bestanden door verlies, diefstal of brand nooit kunnen kwijtraken. Mijn harde schijf kan gestolen worden. Maar mijn documenten en mijn tien jaar aan vakantiefoto’s raak ik nooit meer kwijt.

Mocht je niet bij jouw computer zijn, maar je hebt wel nét dat ene document nodig, dan helpt Dropbox ook. Je kunt via hun website inloggen en zo al jouw documenten bekijken. Op die manier heb je altijd al jouw documenten bij de hand.

Het mooie is dat je jouw bestanden op meer dan één computer beschikbaar kunt hebben. Installeer de software van Dropbox simpelweg op een tweede computer en Dropbox begint meteen al jouw bestanden vanaf het internet te downloaden. Het principe van Dropbox is simpel. Wijzig een document op de ene computer en Dropbox zorgt er voor dat de wijziging ook doorgevoerd wordt op je andere computer.

Zo heb ikzelf twee vaste computers en een laptop. Op elk van hen heb ik al mijn bestanden altijd volledig gesynchroniseerd bij de hand. Wel zo makkelijk en veilig.

Software-business-modellen

Disclaimer: Ik pretendeer met dit overzicht niet volledig of volstrekt accuraat te zijn. Deze tekst zal in de toekomst ongetwijfeld verbeterd worden. Suggesties zijn welkom.

De software-wereld is een wereldwijde miljarden-industrie. Overal ter wereld wordt software gebruikt. Miljoenen mensen verdienen er dagelijks een boterham aan. Het is wel zo dat de één dat succesvoller doet dan de ander. Daarom de vraag: waar valt nou precies het geld te verdienen en wat is de beste optie?

In de software-wereld zijn een groot aantal business-modellen mogelijk. De belangrijkste vormen zijn hieronder beschreven, met antwoord op de vragen: Wat is het? Wat zijn de kritisch succesfactoren? Wie heb je nodig? Wat verdient het? Let wel dat ze zijn beschreven als archetypes. In de praktijk worden ze natuurlijk niet strikt toegepast.

Een platform

Een platform is een defacto standaard zoals Windows, Unix of de iPhone. Er zijn twee manieren om een platform te ontwikkelen. Allereerst kun je in eigen ontwikkeling een grote investering doen waarna een even grote investering in marketing volgt. Een tweede weg loopt via een open source project.

Voor een platform is het krijgen van kritische massa essentieel. Een platform neemt in belangrijkheid toe naar mate het door meer mensen gebruikt wordt. Aanbieders van een platform hebben specialisten in dienst die het platform populair maken. Dit zijn zogenaamde software-evangelisten.

Geld verdienen aan een platform is niet eenvoudig. Het is evident dat een open source platform, waar velen vrijwillig aan meewerken, sowieso geen geld oplevert. De commercieële variant vereist een berg geld vooraf. Vaak zijn er meerdere bedrijven die op het zelfde moment een gelijksoortig platform ontwikkelen. En er kan er echter maar één de beste zijn. De risico’s zijn groot.

Applicaties

Een applicatie is software die een bepaalde specifieke functie vervult. Voorbeelden zijn Microsoft Word, een willekeurige iPhone app of een computerspel. Applicaties kunnen klein of groot zijn, gericht op consument of bedrijven. De meeste software waar mensen mee te maken hebben past in de groep applicaties.

Om zoveel mogelijk verkoopkansen te creëren is het belangrijk dat een applicatie op zoveel mogelijk platformen gebruikt kan worden. Voor het succes van een applicatie is een productmanager cruciaal. Deze persoon luistert naar de doelgroep en beschrijft wat de applicatie moet doen. Hij zorgt er voor dat de applicatie voldoet aan de specifieke behoeftes van de doelgroep.

Omdat een applicatie niet per definitie groot hoeft te zijn, is een kleine investering al voldoende. Een applicatie hoeft niet per se door veel mensen gekocht te worden. Doordat de initiële investering laag is, hoeven de omzetten niet spectaculair te zijn. Applicaties zijn voor programmeurs de makkelijkste manier om geld te verdienen.

Uurtje-factuurtje

Soms zijn bedrijfsprocessen dusdanig uniek dat standaardsoftware niet voldoet. Ook beparen bedrijven heel veel tijd door informatiesystemen aan elkaar te koppelen. Tijd is geld; investeren in systeemintegratie is nuttig. Maatwerk en systeemintegratie is echter niet makkelijk. Menige projectorganisatie heeft zich verslikt in de risico’s.

Simpelweg alleen software aanschaffen of laten maken is niet voldoende. De nieuwe software vereist een nieuwe manier van werken. Adviseurs en trainers helpen softwaregebruikers daarom bij het in gebruik nemen van nieuwe systemen. Dit doen ze formeel via een standaardtraining, of geheel afgestemd op de individu middels werkplekbegeleiding.

Mensenwerk volgt het businessmodel van uurtje-factuurtje. Het vereist een slimme verkoper die zijn mensen bij een klant weet te verkopen. De initiële investering is niet zo zeer geld, maar een uitstekend netwerk voor de verkoper en up-to-date kennis voor de verhuurde medewerker.

Geen initiële investering vooraf en hoge tarief zijn aanlokkelijk. En terecht. Middels mensenwerk is goed geld te verdienen. Het model is echter niet schaalbaar. Meer omzet betekend meer mensen. En dat betekent meer kosten en dito hoofdpijn. In vergelijk met een applicatie of een platform: meer omzet betekend in dat geval niet meer werk en dezelfde kosten.

Content

Tot slot zijn er de contentleveranciers. Van oudsher zijn dit uitgevers. Om wat voor reden dan ook hebben zij toegang tot belangrijke informatie. Ze zijn in staat informatie aan te bieden met een hoge kwaliteit tegen een relatief lage prijs. De postcodedatabase is een voorbeeld, net als actuele beurskoersen of nieuwsberichten. Let op dat deelnemers in een sociaal netwerk ook een vorm van content is. De waarde van LinkedIn is afhankelijk van de content, niet de software.

Een speciale groep zijn de zogenaamde data-cleansers. Dit zijn bedrijven die in staat zijn bestaande informatie van bedrijven op te schonen en aan te vullen. Uiteraard tegen een stevige prijs. Een voorbeeld is het controleren van adresgegevens voor een telemarketingactie.

Om in het pluche te blijven zitten hebben contentleveranciers en data-cleaners goede contacten. Maar wel degelijk blijven ze continu innovatief. Dat moet wel, want via crowdsourcing en de inzet van nieuwe technologieën is informatie steeds makkelijker beschikbaar. Ondanks alles blijft de volgende uitspraak ook in dit millennium waar: “Content is king.”

Conclusie

Wanneer je de mogelijkheid hebt om een platform neer te zetten, dan is dat absoluut de beste optie. Mocht dit te hoog gegrepen zijn, zet dan een applicatie in de markt. Kijk of je de applicatie in populariteit kunt laten groeien tot een platform. Content is king; dus geld waard. Tegenwoordig ontkom je er niet aan om naast een applicatie ook content te bieden. Voorgaande opties leveren op de lange termijn veel geld op. Maar er moet ook morgen brood op de plank liggen. Al is maatwerk, systeemintegratie, advies en training op de lange termijn niet het meest winstgevend, in veel situaties brengt het op korte termijn wel veel geld in het laadje.

Gedragsverandering met een moodboard

Als je een doel wilt bereiken moet je het doel meetbaar maken én daadwerkelijk je voortgang bijhouden. Maar er is meer. Doelen halen vereist een gedragsverandering. In plaats van alleen te meten of je het gewenste doel bereikt, is het juist essentieel om te meten in welke mate het nieuw benodigde gedrag een gewoonte is.

Gedrag kun je meten. Je kunt jezelf iedere dag de vraag te stellen of je een bepaald gedrag ook daadwerkelijk had. Een vraag kan zijn: ‘Heb ik vandaag de trap genomen in plaats van de lift?’. Het antwoord is helder: ja of nee. En niet vals spelen, maar eerlijk zijn.

Door jezelf periodiek deze vraag te stellen, kun je na een tijdje tellen (ja’s versus nee’s) in welke mate het gedrag een gewoonte is. Dan meet je zowel resultaat als gedrag. Hou dit vooral ook bij. Op papier dus. Verzin een aantal vragen. Schrijf deze onder elkaar en zet je antwoord voor dat moment daarachter.

Het beste stel je de vragen in een cyclus van een week. Iedere week start je met een lege lijst: een nieuwe week met nieuwe kansen. Zo kun je weken eenvoudig met elkaar vergelijken. Twee weken of een maand kan ook. Het is het belangrijkst, dat je een vast ritme aanhoudt.

Door focus te hebben op je gedragsverandering merk je na een tijdje dat je de vragen altijd met ja beantwoordt. Zonder dat je er moeite voor hoeft te doen. Je kunt je bijna niet meer voorstellen dat je de vragen met nee zou beantwoorden. De gewoonte is gerealiseerd.

Zodra dit gebeurd zul je zien dat gelijktijdig je doel bereikt is of binnen verschiet ligt. Tijd dus voor een nieuw doel met nieuwe gewoontes en een nieuwe serie vragen. Verwijder vragen uit de lijst die je altijd met ‘ja’ beantwoordt en verzin nieuwe vragen die moeilijk, maar wel mogelijk, haalbaar zijn.

Mocht je na een tijdje een bepaalde vraag nog steeds vaak met ‘nee’ beantwoorden, splits hem dan op in eenvoudiger te behalen gedrag. Ga niet in de put zitten, maar werk aan kleinere veranderingen.

Tot slot een paar praktische tips. Iets wat je ieder dag wilt doen, kun je als volgt vragen: ‘Heb ik maandag de trap genomen?’, ‘Heb ik dinsdag…’, enzovoort. Er is allicht gedrag dat je minstens drie keer wilt: ‘Heb ik één keer…’, ‘Heb ik twee keer…’. Met een beetje creativiteit is dit in een wekelijkse cyclus goed in te vullen.

Als lijst werkt een matrix het best: de vragen links en de weken aan de bovenkant. Zo heb je per week een kolom. In het midden vul je je antwoord in (‘ja’/’nee’). Door te werken met kleuren zie je in één overzicht hoe de vlag er voor staat. Groen staat voor ‘ja’, rood voor ‘nee’. Gebruik een kruis als de vraag die week niet van toepassing is.

De lijst met vragen verandert zo in een kleurig moodboard. Een bruikbaar overzicht dat je helpt bij het realiseren van verandering en het verkrijgen van resultaten. Je zult merken dat daardoor je focus verschuift van het stomweg najagen van doelen, naar het worden wie je wilt zijn.